Do’s en dont’s in de omgang met mensen met een verstandelijke beperking

Artikelen > Portal voor geloofsondersteuning aan mensen met een beperking > Geloofsonderwijs > Do’s en dont’s in de omgang met mensen met een verstandelijke beperking

Mensen met een beperking zijn ook ‘gewoon’ mensen. Misschien voel je je onzeker in de omgang met hen. Dan kan het zijn dat je hen liever ontloopt, of dat je ‘overdreven’ grappig en leuk met hen omgaat. Beide uitersten zijn niet wenselijk. Daarom geven we hier een aantal tips om je te helpen in de omgang met mensen met een beperking.

 

  • Praat zoals je normaal ook praat, gebruik je normale stem.
  • Gebruik eenvoudige woorden. Leg moeilijke woorden uit.
  • Maak gebruik van illustraties die niet te kinderachtig zijn als je te maken hebt met volwassenen.
  • Gebruik voorbeelden uit het dagelijks leven.
  • Maak een praatje op het kerkplein.
  • De meeste mensen zijn gebaat bij een duidelijke opbouw van een dienst of bijeenkomst. Wisselingen zijn over het algemeen geen enkel probleem, mits ze worden benoemd.
  • Houd je eigen lichaamsgrenzen in acht in het contact. Als jij geen knuffel wil, is dat oké!
  • Bespreek met de (ouders of begeleiding van de) verstandelijk beperkte, hoe zij betrokken willen worden bij de kerkelijke informatie. Is het kerkblad wenselijk? Worden mails op prijs gesteld?
  • Inventariseer op welke manier iemand met een beperking kan participeren in het bijbelonderwijs: kunnen ze meedoen in de reguliere groepen? Of zijn er mogelijkheden om individueel of in groepjes aangepaste bijbelstudies aan te bieden?
  • Organiseer een ‘maatjesproject’ in de gemeente. Zo krijgt iedere persoon met een verstandelijke beperking een vaste persoon. Voor tips en informatie kun je contact zoeken met José Korsaan

 

  • Pas op voor ‘onderwaardering’. Mensen met een beperking zijn vaak tot veel meer in staat dan je in eerste instantie inschat. Als iemand zijn eigen jas dicht kan doen, neem dit dan niet over.
  • Praat niet op een kinderachtige toon.
  • Negeer ze niet, zowel tijdens een kerkdienst als bij de communicatie en informatievoorziening.
  • Voorkom overprikkeling bij een (aangepaste) kerkdienst.
  • Denk niet dat het allemaal vanzelf wel goed gaat.

 

 

Natuurlijk geldt ook hier:

 

stempel