Dag 5

LEZEN: Marcus 10:18-31

 

Weer anderen zijn als het zaad dat tussen de distels is gezaaid: ze hebben het woord wel gehoord, maar de zorgen om het dagelijks bestaan en de verleiding van de rijkdom en hun verlangens naar allerlei andere dingen komen ertussen en verstikken het woord, zodat het zonder vrucht blijft. Marcus 4:18, 19

 

De distel is één van de sterkste planten die wij kennen. Hij groeit snel en het blad zit vol scherpe punten. Je kunt distels niet makkelijk verwijderen. Als je ze uittrekt, groeien ze razendsnel terug dankzij hun sterke wortels. Andere planten krijgen geen kans op te komen en blad en aren te laten groeien. De boer voert een waar gevecht met de agressieve distels om zijn planten te beschermen.

 

Zo’n soort plant tekent de Here in deze gelijkenis. Als mens heb je in je leven een gevecht met een soort distels, die pijnlijk en prikkelend hun ruimte opeisen. Jezus bedoelt hiermee de dingen van het aardse leven, zoals rijkdom, succes en alle andere dingen waarover je als mens je plannen maakt. Het zijn allemaal mooie dingen. Maar de Here Jezus spreekt er opvallend negatief over. Hij vergelijkt ze met dorens die prikken en pijn doen. Hij opent onze ogen voor de schaduwzijde van al dat moois. Hij heeft het over de zórgen van het dagelijkse bestaan, over verleidingen en verlangens naar steeds meer. Je wordt erdoor geprikkeld en het doet je soms zelfs pijn. Maar het ergste is dat Gods woord in je leven geen ruimte meer krijgt om vruchten te dragen. Het is er wel en het groeit wel, maar het komt niet aan de vruchten toe.

 

Ook hier zit een waarschuwing in. Sta er eens bij stil hoe het staat met de vruchten van het geloof in je eigen leven. En vraag je af of je niet wat minder ruimte moet geven aan zorgen en verlangens en verleidingen.

 

Zingen: Psalm 119:13, 14 – 119:18, 19 – Liedboek 287:2, 4