Dag 8

LEZEN: Marcus 4:21-23

 

Tegen de menigte zei hij: ‘Je steekt toch geen lamp aan om hem onder de korenmaat te laten uitdoven of onder een bed weg te bergen? Nee, je zet hem op een standaard.’ Marcus 4:21

 

Veel kerken besteden eens per jaar aandacht aan het werk van bijbelgenootschappen. Het vertalen, uitgeven en verspreiden van de Bijbel, werk dat van grote waarde is.

 

Het leven is immers vol raadsels. Veel is verborgen en aan het oog onttrokken. We hebben dringend behoefte aan een boek dat licht op onze weg geeft. De Bijbel zegt zo’n boek te zijn. Maar is het waar? Als je een stukje uit de Bijbel leest, roept dat soms meer vragen op dan het beantwoordt. Het lijkt soms wel geheimtaal. Is het geen verspilling van geld en energie om zoveel werk te maken van de verspreiding en de bestudering van de Bijbel?

 

De gelijkenis die we zojuist gelezen hebben, werpt licht op dit probleem. De Here Jezus heeft het over een lamp die alles aan het licht brengt. Hij zegt het op een verrassende manier: ‘De lamp komt…’ Hij is zelf het licht, zoals Hij ook zelf zegt: ‘Ik ben het licht der wereld’ (Joh. 8:12). Juist als je Jezus Christus als het licht gebruikt, wordt de Bijbel een helder boek. Hij is de sleutel om de Bijbel te verstaan. Heel het Nieuwe, maar ook heel het Oude Testament draait om Hem.

 

Verhalen over Jezus Christus, maar ook wetten en profetieën werpen licht op de vragen van het leven. Daarom is de Bijbel een boek om intensief te bestuderen en breeduit te verspreiden. Zo kan het licht dat Jezus Christus brengt in de wereld stralen.

 

Bespreek eens met elkaar wat je vandaag uit Gods Woord ontvangt. Zie je dat het licht werpt op de raadsels van het leven?

 

Zingen: Psalm 119:40, 49 – 119:53, 65 – Liedboek 75:8, 9