Dag 29: Oefenen in dankzeggen

Lezen: Filippenzen 4:4-9

 

Schenk aandacht aan alles wat waar is, alles wat edel is, alles wat rechtvaardig is, alles wat zuiver is, alles wat lieflijk is, alles wat eervol is, kortom, aan alles wat deugdzaam is en lof verdient. (Filippenzen 4:8)

 

 

Oefenen in dankzeggen

Dit stukje bevat vreugdelessen voor iedereen die bezorgd of depressief is. Het vraagt je om aandacht te schenken aan de vreugde en om dank te zeggen. Met dat je een geschenk in de spotlights zet, geef je er naam aan. Namen geven is paradijswerk, zegt schrijfster Ann Voskamp in haar boek ‘Duizendmaal dank’. Als je bepaalde momenten in je leven een naam geeft, ben je als Adam en ontdek je jouw betekenis en die van God. Je benoemt de vreugde die je dichter bij de bron van vreugde brengt. Dat betekent niet dat er geen duistere gevoelens zijn, maar dat je ziel zich vastklampt aan iets anders.

Juliana van Norwich, schrijfster en kluizenares, schreef daarover: ‘De hoogste vorm van gebed is tot de goedheid van God. Van alle dingen die onze geest kan denken over God, is denken aan zijn goedheid datgene wat Hem het meest behaagt en het meest profijt brengt aan onze ziel.’

Wat een uitdaging voor ons mensen die vaak het merendeel van onze gedachten wijden aan alles wat er verkeerd ging. Dankzeggen is voor veel mensen geen vanzelfsprekendheid. Het is een kunst die je moet beoefenen. Een kunst in anders leren kijken.

 

 

 

 

(Door Mirjam van der Vegt, Kracht voor elke Dag – bijbelsdagboek 2016, Uitgeverij Vuurbaak.

Meer over Mirjam: mirjamvandervegt.nl.)